Aardling

Mijn Mondiale Mening

Mobiliteit in Antwerpen: mijn ervaringen met ’t Stad

Stijn Vogels op de fiets

Stijn Vogels op de fiets

Met de verkiezingen achter de rug is het straatbeeld er weer kalm. Wervende posters om te stemmen op deze of gene partij worden lustig overplakt met affiches voor de volgende Halloween- en studentenfuiven.

Een van de thema’s tijdens de strijd om mijn stad was mobiliteit: gedaan met Koning Auto, Antwerpen zou een autoluw centrum krijgen! Persoonlijk is mijn mening over dit onderdeel nogal verdeeld.

Oplettend fietsen

Ik doe al mijn verplaatsingen met de fiets. Vanuit de Diamantwijk sta ik in 15 minuten eender waar binnen de singel. Zo’n luxe heeft Brussel niet met zijn metro. De enkele weken dat ik m’n stalen ros missen moest waren dan ook een pijnlijke aaneenschakeling van traag wandelen door eindeloos lange straten — in mijn ogen een serieus tijdverlies!

Ik hou er van wanneer dingen vooruit gaan. Iets dat die vooruitgang tegenwerkt zijn de ongelijke of onbestaande fietspaden. De oude herenfiets van m’n vader is niet gemaakt om tegen 20 km/u over kasseien en stoepranden te botsen.

Dan heb je in een stad soms meer aan een mountainbike. De vering in de wielen zal heel wat schokken absorberen, wat toch net iets comfortabeler is. Langs de andere kant is het zo dat je een dure fiets steeds goed moet vastmaken of binnen zetten vooraleer een van je minder sympathieke stadsgenoten er mee weg is.1

Puzzelen met auto’s

Ik heb een auto. Ik gebruik hem amper. Maar hij is wel handig wanneer ik hem nodig heb voor moeilijke verplaatsingen of voor lasten te zwaar zijn voor een fiets. Dankzij een afspraak met m’n verzekering betaal ik momenteel minder omdat ik er zo weinig mee rij.2

Die zeldzame keren dat ik wél met de auto onderweg ben is het altijd even oppassen. Bussen en taxi’s rijden alsof het rijk van hen is. Van fietsers heb ik minder last als je weet waar je op moet letten.

Bij thuiskomst is er dan weer het andere probleem van parking zoeken. Dankzij m’n bewonerskaart mag ik wel overal staan, maar dat wil nog niet zeggen dat er ook plaats is. Regelmatig mag ik de zijstraten verkennen op zoek naar een parkeerplaats. De aanstaande werken aan het Operaplein en de Frankrijklei zullen die schaarste niet verbeteren. Integendeel.

Oplossing?

Een interessanter compromis zou zijn om enkele grote parkings buiten de stad te bouwen, aan het uiteinde van drukke invalswegen, en die dan met het openbare vervoer te ontsluiten. Zo haal je de pendelauto’s uit de stad, staat niemand nog in de file’s op de Leien en is het centrum een heel stuk veiliger voor zwakke weggebruikers.

  1. En een gestolen fiets is niet zo leuk want dan kan je ineens terug naar de online fietsenwinkel. []
  2. Dat is wel een voordeel, want samen met de wegentaks zou ik me anders blauw betalen. De huidige benzineprijzen maken dit vooruitzicht er niet beter op. []