Aardling

Mijn Mondiale Mening

Antwerpen fietsstad

Met de verkiezingen achter de rug is het straatbeeld er weer kalm. Wervende posters om te stemmen op deze of gene partij worden lustig overplakt met affiches voor de volgende Halloween– en studentenfuiven. Een van de thema’s tijdens de strijd om mijn stad was mobiliteit: gedaan met Koning Auto, Antwerpen zou een autoluw centrum krijgen.

Ik doe al mijn verplaatsingen met de fiets. Vanuit de Diamantwijk sta ik in 15 minuten eender waar binnen de singel. Zo’n luxe heeft Brussel niet met zijn metro. De enkele weken dat ik m’n stalen ros missen moest, waren dan ook een pijnlijke aaneenschakeling van traag wandelen door eindeloos lange straten — in mijn ogen een serieus tijdverlies!

Ik hou er van wanneer dingen vooruit gaan. Iets dat die vooruitgang tegenwerkt zijn de ongelijke of onbestaande fietspaden. De oude herenfiets van m’n vader is niet gemaakt om tegen 20 km/u over kasseien en stoepranden te botsen.

Dan heb je in een stad soms meer aan een mountainbike. De vering in de wielen zal heel wat schokken absorberen, wat toch net iets comfortabeler is. Langs de andere kant is het zo dat je een dure fiets steeds goed moet vastmaken of binnen zetten vooraleer een van je minder sympathieke stadsgenoten er mee weg is.

Dit artikel verscheen oorspronkelijk op De Nieuwe Antwerpenaar.